
Coniferenconcert voor onbekend, maar niet onbemind pinetum
De Belten in Vorden
VORDEN - In de Dorpskerk in Vorden vindt zondag 16 februari vanaf 15.00 uur het Coniferenconcert plaats. Dit eerbetoon aan, inderdaad de conifeer, is meteen een benefiet om Stichting Pinetum de Belten te steunen in behoud en continuering van een wel heel bijzondere en uitgebreide collectie van zo’n negenhonderd naaldbomen en andere naaktzadigen. Zeven dagen per week, van zonsopgang tot zonsondergang is de verzameling vrij toegankelijk te bekijken aan de Wildenborchseweg in Vorden.
Door Meike Wesselink
Het Coniferenconcert dat voor de negende keer wordt gehouden, is echter niet vrij toegankelijk, want daar mag gul gegeven worden door wie maar wil. Dat kan ouderwets contant, of via de QR-code die aan het toegangshek van de Belten, maar ook tijdens het concert in de Dorpskerk te scannen is. Sopraan Henriette Feith verzorgt voor de gelegenheid samen met musici Maurice Lammerts van Bueren (piano), David van Ooijen (theorbe), en Levan Tskhadadze (klarinet) een levendig concert met werken van onder meer Barber, Weill en Piazolla, maar ook van componist des Vaderlands, Anne-Maartje Lemereis.
“Het wordt een zeer gezellige middag, bedoeld om het pinetum bekendheid te geven en om het te kunnen voortzetten. Daarom is het ook de bedoeling dat gasten zelf betalen voor het drankje dat we ter afsluiting bij Hotel Bakker drinken”, legt Beate Feith, echtgenote van Jhr. Mr. Rhijnvis Feith (benoemd naar zijn beroemde voorvader en dichter) uit. Samen met nicht Ettie Segers-Feith zet het echtpaar zich onvermoeibaar in om het pinetum, nalatenschap van Jhr. mr. Pieter Rutger Feith, in ere te houden en aan te vullen met exemplaren die soms maar moeilijk te vinden zijn.
Wollemia
Neem de Wollemia nobilis, een slangenden met aan weerszijden van de twijg een dubbele rij lange dikke, platte naalden; pas dertig jaar geleden ontdekt in het Australische Wollemiagebergte. Een soort waarvan men in de veronderstelling was dat er alleen nog maar een tachtig miljoen jaar oude fossiel van over was. De familie zorgt met veel toewijding voor een vijftal exemplaren, die zij rechtstreeks en via België uit Australië hebben laten komen. De niet-winterharde wereldreizigers die nu ruim anderhalf meter, maar tot twaalf meter hoogte kunnen groeien, worden in de watten gelegd en ‘s winters verwarmd in een op maat gemaakte kas. Rhijnvis Feith: “Dit soort zaken bekostigen we uit de pot ‘lopend onderhoud’, waar ook de opbrengst van het Coniferenconcert naartoe gaat. Ook de compost die we vorig seizoen voor een schappelijke prijs bij een bevriende kweker kochten, hebben we uit deze pot betaald, net als de nieuwe zitmaaier die we onlangs moesten aanschaffen”.
Ontdek de Wollemia, een boom die slechts dertig jaar geleden ontdekt werd in Australië
Bij deze laatste woorden is er toch een kleine twinkeling in de ogen van de heer Feith (86) zichtbaar. Hoewel het beheren van een pinetum dagelijkse zorgen met zich meebrengt, beleeft Rhijnvis Feith ook zichtbaar plezier aan het harde werken, beheren en overleggen ten behoeve van het naaldbomenmuseum. Dat plezier deelt hij met zijn vrouw en met zijn nicht, maar ook met vrijwilligers Tom, Diederik, Willem, Tanja en Jeanette die iedere woensdag met veel enthousiasme een klein stukje van de altijd voortdurende werkzaamheden op zich nemen. Bij het reguliere onderhoud, waarvoor tuinbouwkundige Ettie Segers-Feith (76) verantwoordelijk is, steunt vaste kracht Diego haar, ook met het nodige plezier.
Bemesting en bewatering
Bemesting en bewatering brengen misschien wel de meeste zorgen met zich mee. Pinetum de Belten staat op een oppervlak van 2 hectare, met vooral schrale zandgrond. Een prima bodem voor de sparren, cipressen en jeneverbessen waar Jhr. mr. Pieter Rutger Feith in 1961 mee startte, maar de inmiddels 900 soorten -in zijn tijd waren het er maar liefst 1500- vinden hun oorsprong in heel diverse gebieden; van kalkrijke berghellingen, uitgespoelde tropische gronden, tot schrale heidevelden. “Aan de hand van bodemmonsters die we jaarlijks laten nemen, passen we de bemesting aan”, legt Ettie Segers-Feith uit. Met het organisch bemesten voeden we niet alleen de bomen, maar onbedoeld ook het onkruid, wat weer extra werkzaamheden met zich meebrengt. Ook hebben we best wat te stellen met de bewatering. De afgelopen twee jaren was het gelukkig niet nodig om te sproeien, maar we houden rekening met droge zomers die nog gaan komen, zoals in 2018. Overigens herinneren we ons de zomer van 1976 ook als een zeer droog seizoen. Het watersysteem dat ongeveer uit die tijd stamt en grondwater op 21 meter diepte oppompte, begaf het vanwege het ijzerhoudend water dat opeens naar boven kwam en duidelijk te herkennen was aan de oranje kleur. Een nieuw systeem met water van 9 meter diepte werkte niet omdat de waterdruk te laag bleek. We zijn naar 14 meter diepte gezakt met een installatie met dompelpomp die heel behoorlijk werkt en waar we erg content mee zijn.”
'Elke bijdrage helpt ons bijzondere naaldbomen te onderhouden'
Dat dit soort reparaties behoorlijke kosten met zich meebrengen, moge duidelijk zijn. Rhijnvis Feith: “Kringloopwinkel De werf in Vorden heeft een royale donatie gedaan, waarmee we de bewatering in één keer hebben kunnen financieren. Ook ontvingen we eind vorig jaar een fantastisch bedrag, ingezameld bij de Plus Oudejaars Crossloop. Ingenieursbureau SmitsRinsma uit Zutphen schoot ons vorig jaar te hulp met een prachtige donatie en onze familie doet ieder jaar ook veel. We mogen dan misschien niet erg bekend zijn in de regio, ons wordt een warm hart toegedragen door vele partijen die op verschillende manieren een bijdrage leveren.”
Nostalgie
Naast een relatief nieuwe soort, staan er ook exemplaren in het pinetum die vrijwel niet meer bestaan. Beate Feith: "Zo nu en dan komen er bezoekers voor een conifeer die vroeger bij het ouderlijk heeft gestaan, die nostalgische gevoelens oproept en die bij een hedendaagse kweker niet meer te krijgen is. Zoals veel zaken, zijn ook naaldbomen aan modetrends onderhevig. Ze komen, maar verdwijnen ook weer. Om te zorgen dat de oorspronkelijke collectie behouden blijft, proberen we unieke soorten te vermeerderen door stekken of enten. Dat is nodig als je bedenkt dat er ieder jaar zo'n dertig tot veertig soorten uitvallen. Johan Hengeveld van boomkwekerij Hengeveld in Aalten is ons hier zeer behulpzaam bij. Vorig najaar hebben we weer twintig variëteiten aan kunnen planten. Voor het vinden van de ruim vijftig soorten die we nog willen toevoegen aan de collectie, worden wij naast Johan ook terzijde gestaan door Wilma Verburg van Arboretum Oostereng in Wageningen en via haar door een aantal bevriende verzamelaars.”
2050
Het nageslacht Feith helpt graag mee op en rond de Belten, maar staat nog niet te springen om het beheer van het pinetum over te nemen. Beate Feith: "Bovendien wonen onze kinderen niet om de hoek. Het voelt niet prettig om hen te verplichten. Hoe de toekomst van het pinetum eruitziet, weten we niet. Pinetum De Dennenhorst in Lunteren was jarenlang helemaal dichtgegroeid, tot iemand uit de familie zich opwierp om er weer leven in te blazen. Op die manier proberen wij er ook naar te kijken. Bijzondere soorten zullen niet zomaar verdwijnen, in zekere zin zal pinetum de Belten blijven bestaan, voor de eeuwigheid.”

