
Krantenbezorging
Opinie‘Hallo! Even een vraagje: ben jij vorige week in de Rozenstraat geweest?’ De vraag komt van een dame, die mij met een stapel kranten in de hand door Hengelo ziet lopen. Ik schud mijn hoofd. Nee, de Rozenstraat – iets verderop – staat voor deze middag wel op mijn lijstje, maar ik loop deze wijk voor het eerst, eenmalig ook. Voordat ik de kans krijg om de situatie te duiden, gaat de vrouw al verder, haar blik gericht op de stapel in mijn armen: ‘Maar jij bezorgt Contact, toch? Wij hebben ’m al een paar weken niet gehad!’
Dat geldt voor veel mensen, ik hoor het deze middag keer op keer. Het heeft alles te maken met de overgang naar een nieuwe manier van bezorgen. Achterhoek Nieuws – uitgever van de lokale kranten in de regio, waaronder Contact – heeft die bezorging in samenwerking met een bezorgingsbedrijf onlangs in eigen hand genomen. Uiteindelijk doel is om het niveau van de bezorging in het gehele gebied te verbeteren. Er wordt ontzettend hard aan gewerkt, maar het gaat niet van de ene op de andere dag. Niet alle bezorgers zijn mee overgestapt, er zijn nog de nodige ‘open wijken’.
Dat geldt ook voor de Hengelose wijk die ik deze middag loop. In deze overgangsperiode is verslaggevers gevraagd om een handje mee te helpen. Bij de kranten is een flyer gevoegd, bedoeld om nieuwe bezorgers te werven. Nieuwe helden beter gezegd, want deze jongens en meiden vormen een ongelofelijk belangrijke schakel in het geheel. Met name op de sociale media lees ik vaak klachten over de bezorging, toch hoor ik op mijn ronde zeker ook complimenten. ‘Bi’j ons kwam d’r altied zo’n jungsken, den deed ’t fantastisch!’, zegt een vrouw, sinds kort ziet ze hem niet meer.
Ondertussen zoek ik op heel wat plekken naar brievenbussen, ik beland in steegjes waar ik nog nooit eerder ben geweest, verbaas me over de vele bordjes en stickers op deuren en in voortuinen én ontdek dat er vele varianten van de ja-nee-sticker bestaan: van ‘neu-joa’ tot een prachtig vormgegeven houten exemplaar. Nu ik zo m’n best doe om de krant van deur tot deur te brengen – ‘wat fijn, ontzettend bedankt!’ – voelt een nee-nee-sticker ineens als een belediging van de buitencategorie. Ondertussen bezorg ik heel wat mensen een melding via hun Ring-deurbel.
‘Ben je nou ook al bezorger geworden?’, klinkt het bij de dorpeling, die in mij de journalist van de lokale krant herkent. Teleurstelling is er dan weer bij de vrouw, die in eerste instantie toch vooral een nieuwe krantenjongen de straat in ziet komen. ‘Ah, gadverdamme!’, merkt ze op, als blijkt dat deze bezorger het bij één ronde houdt. Die eindigt in de regen, bij een stukje nieuw leven: Joep - ‘Welkom in de vriendengroep!’ De overgebleven kranten breng ik naar de supermarkt, waar deze weken een extra grote stapel ligt te wachten. Hopelijk is dat snel niet meer nodig. Dan valt er overal weer een krant op de mat, ook in de Rozenstraat.










