Adinda de Heus en Arianne Holtman zijn deze week toegetreden tot het Zelhemse brandweerkorps. Foto: Mirjam Rensink
Adinda de Heus en Arianne Holtman zijn deze week toegetreden tot het Zelhemse brandweerkorps. Foto: Mirjam Rensink

Twee nieuwe vrouwen bij brandweerkorps Zelhem

ZELHEM - Het brandweerkorps Zelhem heeft sinds deze week twee nieuwe vrouwen in hun team. Adinda de Heus-Heeg (43) en Arianne Holtman-Ebbers (35) hebben de intensieve tweejarige opleiding afgerond. In maart werd het Zelhemse team al versterkt met Hendrik Wesselink en Ronnie Boenink die toen klaar waren met de opleiding.

Door Mirjam Rensink

Twee jaar geleden viel er bij alle vrouwen tot 45 jaar in Bronckhorst een brief op de mat waarin gevraagd werd of ze misschien bij de brandweer wilden. Vrouwen zijn ondervertegenwoordigd bij de brandweer. In het korps van Zelhem was Susan Liet jarenlang de enige vrouw.

"Ik had er vaker over gedacht om eens bij de brandweer te gaan kijken om te zien in hoeverre het iets voor mij zou zijn, maar ik had er nooit iets mee gedaan" vertelt Adinda de Heus-Heeg. ''En toen kwam die brief en toen dacht ik: dit heeft zo moeten zijn.'' Dat idee had Arianne Holtman-Ebbers ook. ''Mijn man riep meteen dat is iets voor jou en dat voelde ik zelf ook zo.'' Beide dames meldden zich bij de voorlichtingsavond. ''Het voelde meteen vertrouwd toen ik daar kwam'', vertelt Arianne.''De mensen oogden betrouwbaar en enthousiast, ze lieten ons meteen van alles zien.''

''Zo waren ze op die avond bijvoorbeeld bezig met het verwijderen van een deur uit een autowrak met behulp van technisch redgereedschap'', vult Adinda aan. ''En toen ze dat lieten zien werd ik er meteen enthousiast en nog nieuwsgieriger van.'' Adinda en Arianne hadden niet direct een voorstelling wat het werk allemaal zou inhouden, toen ze zich vervolgens aanmeldden. ''Ja branden blussen wist ik wel, maar wat er verder bij komt kijken niet.''

In april 2018 startten beide vrouwen met de opleiding. Ze gingen een avond per weer naar school en keken onder andere bij bedrijven in Zelhem waar ze met speciale stoffen werken zoals het zwembad, de VIV en Carditech. In de opleiding leerden ze alles over brand, ongevallen, technische hulpverlening en gevaarlijke stoffen. ''Soms zijn er dingen waar je van te voren van denkt dat is niet iets dat ik heel interessant vind, bijvoorbeeld technische hulpverlening en dan blijkt dat toch heel boeiend. Sowieso heb ik geleerd om mijn grenzen te verleggen. Bij het zien van vuur is de eerste automatische reactie ervan weggaan. Nu leer je op welke wijze je er naar toe moet'', zegt Adinda. Arianne beaamt dit. ''Ik heb nog nooit zo hard geleerd als de afgelopen twee jaar, ik vond het fijn om hier mijn tanden in te zetten. Het heeft mij heel veel positieve energie gegeven. Ik ga het ook echt missen om op donderdagavond naar school te gaan. Nu hoeven we alleen nog op maandagavond naar de kazerne om te oefenen.''

En nu zijn de dames dus volleerd brandweervrouw. En dat betekent dus pieperdienst. Maar daar zijn de vrouwen al aan gewend. ''We zijn in april 2018 begonnen met de opleiding en vrij snel daarna kregen we al een pieper mee. Als we opgeroepen werden gingen we in eerste instantie boventallig mee. Bij auto-ongelukken werden we door onze collega's op afstand gehouden.''

Het leven met een pieper is Arianne en Adinda mee gevallen. Beiden hebben een gezin met jonge kinderen, tussen de zes en vijftien jaar. ''Je voelt natuurlijk een verschil tussen de uren waarop je oproepbaar bent en wanneer de pieper helemaal uitstaat'', zegt Adinda. ''Als je dienst heb ligt er altijd kleding klaar naast het bed en hangt de sleutel voor het grijpen'', vertelt Arianne. ''Maar het is goed te combineren, ook met drie kleine kinderen en een man die als huisarts ook onregelmatige diensten heeft.''

Mannenbolwerk
''Ik heb niet het idee dat we bijzonder zijn omdat we vrouw zijn'', zegt Adinda. ''Ze zijn bij het korps blij met ons als collega, als mens. Susan, de enige andere vrouw, is ook gewoon blij met ons om wie we zijn en wat we toevoegen aan het korps, niet omdat we vrouw zijn." Arianne knikt. ''De onderlinge sfeer is prima, we zijn collega's. Iedereen heeft alles voor elkaar over. We vullen elkaar aan. Soms heeft iemand het even zwaar, dan neemt de ander dat vanzelfsprekend over.'' ''Samen de klus klaren, dat is wat overheerst'', vult Adinda aan.

Iedere brandweerman/vrouw moet jaarlijks de PPMO test doen (Periodiek Preventief Medisch Onderzoek). Om je fitheid te testen moet je onder andere diverse brandweer gerelateerde oefeningen uitvoeren en een traplooptest. Met name de traplooptest is zwaar omdat je deze met volledige bepakking en extra gewicht moet lopen. ''Het is dus belangrijk om in goede conditie te blijven en een paar keer in de week te blijven sporten. Dan is de test prima te doen'', zegt Adinda.

De afgelopen twee jaar hebben de vrouwen dus meegelopen bij het korps. Geleidelijk mochten ze ook steeds meer doen bij een inzet. ''De brand bij Veenhuis heeft een grote indruk op mij gemaakt'', zegt Arianne, Adinda knikt instemmend. ''We hadden net de module brand afgerond op school en dan wordt je opgeroepen voor zo'n grote brand in eigen dorp. We moesten met diverse korpsen samenwerken, alles wat je geleerd hebt komt dan ineens tegelijkertijd samen in een nacht.'' Ook ging Arianne mee naar Herkenbosch om te helpen met het blussen van de grootste bosbrand ooit in Nederland. "We reden in een colonne van wagens van korpsen uit de hele Achterhoek. Dat was een indrukkend gezicht. Het was een enorme smeulende brand. Maar heel anders dan bij Veenhuis omdat hier niet om een gebouw ging, dat voelt toch heel anders.''

Terugkijkend op de afgelopen twee jaren zien de dames dat ze gegroeid zijn door alles wat ze hebben geleerd en meegemaakt. Ze raden iedereen aan die overweegt om bij de brandweer te gaan gewoon eens te komen kijken bij de kazerne.

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden