Foto: Nick Oostendorp

Zwaleman | Achterhoek

Mijn vreugt is in dees' achter-hoek ! Met deze regel eindigde ik twee weken geleden mijn column. Dezelfde woorden dus waarmee (de meeste Achterhoekers weten dat wel) Willem Sluiter 349 jaar geleden zijn gedicht Buiten-leven eindigde. Wie kent ze niet, die twee regels: Waer iemand duisent vreugden soek, mijn vreugt is in dees' achter-hoek. Waarmee de dichter-dominee en passant ook maar even de naam Achterhoek 'uitvond'. Een feit dat we volgend jaar met z'n allen uitgebreid gaan vieren. De Achterhoek bestaat 350 jaar. Een feestje waard, nietwaar?

Het aardige van dit 'jubileum' is, dat Sluiter er zich hoogstwaarschijnlijk nooit van bewust is geweest, dat hij de naam voor onze landstreek heeft bedacht. Voor hem was achter-hoek niet meer dan een woord. Maar hij zou er waarschijnlijk wel trots op zijn geweest, want de dichter/dominee hield heel veel van de streek waarin hij was geboren en het grootste deel van zijn leven woonde. De zo beroemd geworden regels zijn dan ook onderdeel van een gedicht, Buiten-leven getiteld, waarin Sluiter de loftrompet steekt over wat we nu de Achterhoek noemen. De geneugten van de natuur, de rust van zijn dorp (Eibergen), alles komt uitgebreid aan bod. Jazeker, uitgebreid! Want Buiten-leven telt maar liefst vijftienhonderd versregels. Waarvan er dus slechts twee in ons collectief geheugen zijn opgeslagen.

Is dat laatste erg? Nee hoor. Want in feite zit de essentie van Sluiters lofzang al in die twee regels. De andere 1498 regels kunnen we dus best vergeten. Al zou Sluiter zelf het daar weer niet mee eens zijn geweest. Wat in die twee regels namelijk niet staat, is wat voor hem juist zo essentieel was: dat het wonen in de Achterhoek hem dichter tot God bracht.

Maar goed, laten wij ons 350 jaar later nou toch maar beperken tot wat die twee nog steeds zo beroemde regels wél zeggen: er is niets mooiers dan onze Achterhoek. Dat zouden we aan iedereen op de hele wereld wel willen vertellen.

Welnu, dat laatste gaat warempel nog gebeuren ook. Dankzij Sander Grootendorst en Eke Mannink, die samen het Zutphense dichterscollectief Vlinderwerk vormen. Zij hebben (samen met Sluiter-kenner Arend Heideman uit Gelselaar) het plan opgevat om die twee beroemde regels van Sluiter in zoveel mogelijk talen om te zetten. Een paar voorbeelden daarvan zijn al te vinden op YouTube. Enkele lezers stuurden me al de link www.youtube.com/watch?v=rot52MoIi20 toe, waarvoor natuurlijk hartelijk dank. In het filmpje laten Sander en Eke alvast een paar van die vertalingen horen. In het Duits bijvoorbeeld:

Ins Weite geht der Vogelflug, Mein Glück ist hier im Achterhoek.

Of in het Frans:

Les fermes, les fleurs, les vaches, les boucs: C'est mon plaisir, le …. Achterhoek.

Omdat Duits, Frans en Engels de enige talen zijn die Sander en Eke goed spreken schakelen ze andere mensen in voor meer vertalingen. Zo piekert Henk Lettink al over een Achterhoekse tekst, heb ik begrepen. Oud-Zutphenaar, maar tegenwoordig Italiaan Hanno Baas zorgt voor een Italiaanse versie en Tubantia's Berkelland-verslaggever Peter Zandee (die met een Russische is getrouwd) is gevraagd voor een Russische vertaling. Het is de bedoeling dat al die vertalingen volgend jaar digitaal te zien zijn. Allereerst voor de Achterhoekse basisscholen, die meedoen aan een Sluiter-project. Maar natuurlijk worden de filmpjes ook toegankelijk voor ieder andere geïnteresseerde. Nou, daar hoor ik zeker ook bij. Ik kijk er nu al naar uit.

reageer als eerste
Meer berichten